Христос воскрес! Воістину воскрес!

Wat zullen we nou krijgen? Russisch!? Nee, Oekraïens. Dat lijkt wel wat op Russisch, maar het verschil is, denk ik, vergelijkbaar met het verschil tussen Nederlands en Fries.

En wat betekent het? Als mensen elkaar tegenkomen op de Paasmorgen zegt de één: “Христос воскрес!”, en de ander antwoordt: “Воістину воскрес!”, oftewel de één zegt: “Christus is opgestaan!”, en het antwoord is “Hij is echt opgestaan!”.

En over dat laatste wil ik het hebben.

Hij is echt opgestaan!

Daarover, en over wat er kort daarna gebeurde, wordt verteld in Matteüs 28, Marcus 16, Lucas 24 en Johannes 20 en 21.

Er zijn mensen die beweren dat Jezus Christus, (Christus = Messias, betekenis ‘gezalfde’), niet echt uit de dood is opgestaan. Sommigen van die mensen willen dan nog wel geloven dat Hij belangrijk is voor ons leven, als voorbeeld. Maar dat is onzin! Dat vind ik niet alleen, dat denk ik niet alleen, maar dat is zo. Waarom? Lees maar eens, met deze opmerkingen in je achterhoofd, 1 Korintiërs 15.

Is je iets opgevallen?

Ik kan hiervandaan niet zien of je ja knikt of nee schudt, en ook niet horen of je ja of nee zegt. Lees daarom nog maar eens de verzen 12 t/m 19 van 1 Korintiërs 15.

Als Christus niet is opgewekt, heeft het geen zin in Hem te geloven.

Dus, als je niet gelooft dat onze Heer Jezus Christus daadwerkelijk uit de dood is opgestaan, stop dan maar met lezen, want wat ik verder hieronder nog schrijf, heeft voor jou geen enkele waarde, hooguit om ermee te spotten – en, mocht je die neiging hebben, in het Bijbelboek Spreuken staat van alles over spotters, maar Jezus heeft ook gezegd: “… gooi je parels niet voor de zwijnen…” (Matteüs 7:6)…

Jezus Christus is dus inderdaad, echt, daadwerkelijk, opgestaan uit de dood.

Veel mensen vinden het prachtig om zaken uit de Bijbel abstract op te vatten. Dat kan verschillende voordelen hebben, denk ik: je lijkt in de ogen van de ongelovigen wat minder dom, je bent wat meer acceptabel, ‘salonfähig’; en je kunt je gemakkelijker onttrekken aan het morele beroep dat door de Bijbel op je gedaan wordt.

Op een gegeven moment willen enkele schriftgeleerden en farizeeën graag een teken van Jezus zien, zie Matteüs 12:38-42. Wat ze krijgen is het teken van Jona. (Ik neem aan dat sommige van de sceptici die ik hierboven heb gevraagd te stoppen met lezen nog steeds lezen.) Jona levend in een grote vis? En dat zou echt gebeurd moeten zijn? Nog niemand heeft een vis op deze aarde ontdekt waarin, waarmee, dat zou kunnen! En tòch is het echt gebeurd – anders zou Jezus dit voorbeeld niet hebben gebruikt.

Er zijn vast ook wel mensen (die nog steeds dit stukje lezen) die niet geloven dat Adam de eerste mens was. Zie ook mijn stukje over evolutie en theologie. Is dat zo belangrijk dan, dat je gelooft dat Adam de eerste mens was? Ik verwijs naar enkele verzen uit het al eerder genoemde 1 Korintiërs 15, nl. de verzen 45 t/m 49. En verder naar Romeinen 5:12-21. En ook al heb je die stukken al heel vaak gelezen, lees ze nog maar een keer!

Theologisch moet Adam wel echt bestaan hebben…

Wellicht is het een goed idee om jezelf (weer) eens af te vragen of je goedgelovig of goed gelovig bent.

Reageren kan via het contactformulier; zet er s.v.p. de titel van dit stukje bij.

2 december 2017: verwijzingen naar Bijbelteksten vervangen: geen NBV maar HSV (reden).

Laatste wijziging: 19 mei 2019.
^
Homepage