Evolutie en theologie

De laatste tijd zijn vrij veel ‘bekende’ christenen bekeerd tot het evolutionisme – om het iets diplomatieker te zeggen: zij geloven dat God het heelal met een oerknal heeft laten beginnen, en dat mensen als soort voortkomen uit niet-menselijke wezens.

Ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat deze mensen niet zèlf het wetenschappelijke materiaal hebben bekeken – als ik op internet zoek naar ‘bewijzen’ voor evolutie dan lees ik vaak dat die overweldigend zijn, maar het wordt zelden of nooit concreet, en als het dat al wordt, komt het op mij niet zo overtuigend over…

Het feit dat wezens gemaakt zijn naar een (sterk) op elkaar lijkend bouwplan hoeft toch niet te betekenen dat ze uit elkaar voortkomen? Dat denken we toch ook niet van b.v. fiets, bromfiets, motorfiets, autoped/step, éénwieler, segway, etcetera? Als je dat rijtje zo bekijkt, eventueel aangevuld met nog wat dingetjes met wielen, denk ik dat je voor jezelf wel een logische ontwikkelingsvolgorde kunt bedenken. Zoek maar eens op of het zo gegaan is!

Het scheppingsverhaal van Genesis 1 en 2 wordt door ‘evolutiegelovigen’ beschouwd als een verhaal dat aansluit bij de beleving van de mensen uit de tijd van Mozes (die – toch nog? – verondersteld wordt de schrijver van Genesis te zijn).

Theologisch ontstaat er dan een probleem: in zijn brief aan de Romeinen beweert Paulus dat alle mensen zondaars geworden zijn door de overtreding van één mens (en dat door de gehoorzaamheid van één mens alle mensen rechtvaardigen worden), zie Romeinen 5:19 NBV. (Overigens lijkt mij de Herziene Statenvertaling beter qua vertaling van dit vers: Romeinen 5:19 HSV.)

Hoeveel mensen zijn er uit hun niet-menselijke voorouders ontstaan, en wanneer werden die door God als mensen beschouwd?

En als dat met die éne mens die zondigde niet correct in de Bijbel staat, hoe zit het dan met die éne mens die niet zondigde?

Kan God dan eigenlijk wel iemand uit de dood opwekken? Dat is toch wel een belangrijke vraag, in ieder geval voor christenen – zie 1 Korintiërs 15:12-19. En volgens de wetenschap kunnen mensen niet uit de dood opstaan.

En als je gelooft dat het heelal uit een oerknal is ontstaan, hoe gaat het dan verder?

Op een gegeven moment is de zon ‘op’. En dan stopt de aarde ook met bestaan. Maar hoe valt dat te rijmen met de komst van onze Heer Jezus ‘als een dief in de nacht’? Zie 1 Tessalonicenzen 5:1-2. En als Jezus niet uit de dood is opgestaan, komt hij dan überhaupt wel terug?

Theologie is wetenschap, net als geologie en biologie. Je hoeft uiteraard geen theoloog te zijn om (niet) in God te geloven, net zomin als je geoloog of bioloog hoeft te zijn om (niet) in een oerknal te geloven.

Maar het kan geen kwaad heel goed na te denken over wat je gelooft: het zou wel eens belangrijker kunnen zijn dan alleen voor je leven hier en nu.

Geloven is gemakkelijker als je denkt… (… gemakkelijker dan? Hoeft niet…)

Reageren kan via het contactformulier; zet er s.v.p. de titel van dit stukje bij.

25 november 2017: verwijzingen naar Bijbelteksten vervangen: geen NBV maar HSV (reden).

Laatste wijziging: 19 mei 2019.
^
Homepage