Goede bedoelingen en God

Eerder heb ik het wel eens gehad over goede bedoelingen, zie bijvoorbeeld Zo heb ik het niet bedoeld!. En in enkele afsluitende “Ceterum censeo“’s van stukjes heb ik beweerd dat de weg naar de hel met goede bedoelingen geplaveid is.

Maar dat (over die weg naar de hel) is mijn mening.

Wat zegt God ervan?

In Genesis 15 sluit God een verbond met Abram. Abram zal tot een groot volk worden. In Genesis 16 zegt Sarai tegen Abram dat God ervoor heeft gezorgd dat zij geen kinderen kan krijgen (vers 2), en dat Abram Sarais slavin Hagar maar als vrouw erbij moet nemen. Zo gebeurt het, en Ismaël wordt geboren. Maar in Genesis 17, waarin (in vers 5) wordt beschreven hoe Abram de naam Abraham krijgt, krijgt Abraham te horen (in vers 19) dat God het verbond dat Hij met hem gesloten heeft, met Isaak zal voortzetten; Isaak zal de zoon zijn van Sara (de nieuwe naam van Sarai).

Verwijt God Abr(ah)am en Sara(i) hun gedrag? Nee. Maar was het goed? Wat denk je zelf? Lees eventueel Beproevingen doorstaan. Kan dat?.

In 2 Kronieken 30 wordt Hizkia’s viering van het Pascha beschreven. Een groot deel van het volk heeft zich niet geheiligd, maar Hizkia bidt voor deze mensen, en God geneest hen, zie de verzen 16-20. Vindt God het dan niet erg dat het volk zich niet geheiligd heeft? Wat denk je zelf? En, mocht je denken dat God het niet erg vindt, waarom heeft Hizkia het dan over verzoening (vers 18)?

In een oud ND uit 2017 vond ik vanochtend een Kruimeldief van Adrian Verbree, met als titel Het gaat om de intentie. Of niet?; de aanleiding voor mij dit stukje te schrijven. Verbree gebruikt koning Josia om zijn punt duidelijk te maken.

Josia wordt al heel jong koning, zie 2 Koningen 22:1 en 2 Kronieken 34:1.  Later in zijn regering wordt het wetboek van God gevonden (vers 14), en, als hij dat gelezen heeft, laat hij door enkele van zijn dienaren de HEER raadplegen, bij de profetes Chulda (vers 22). En daar krijgen ze te horen dat de HEER vastbesloten is onheil over het land te brengen (vers 24-25). Maar omdat Josia de HEER dient, wordt het oordeel uitgesteld (vers 26-28).

Dat laatste zou je kunnen doen denken dat goede bedoelingen wèl helpen, als het om je verhouding met God gaat. Maar daar zou je je best eens in kunnen vergissen. Josia doet namelijk wat God wil, en dat is: Hem gehoorzamen.

Maar zijn goede bedoelingen dan helemaal niks waard?

Lees maar eens Matteüs 25:31-46, ook genoemd in het vorige stukje. Wat je doet is belangrijk! En lees Jacobus 2:14-26. Alweer: wat je doet is belangrijk. Het gaat hier niet over goede bedoelingen, het gaat over wat je doet!

En dus opnieuw: overigens ben ik van mening dat de weg die geplaveid is met goede bedoelingen naar de hel leidt.

Reageren kan via het contactformulier; zet er s.v.p. de titel van dit stukje bij.
Laatste wijziging: 28 mei 2019.

^
Homepage